Het is in de lente een van de eerste soorten die onze bermen siert. En wat voor een! De kenner weet, en ziet ze opkomen, deze toch algemene plant die tot een meter hoog kan worden, met fijne sierlijke witte bloemen.
Het blad heeft wat weg van een varen en voor iemand die er totaal geen kijk op heeft zul je deze plant kunnen verwarren met de berenklauw. Beide soorten vallen onder de schermbloemen, echter kan de berenklauw enorme brandblaren veroorzaken terwijl het fluitenkruid dit niet heeft.
Het fluitenkruid is puur, zacht en liefdevol. En zoals ik al schreef: deze soort siert als eerste de bermen. Van april tot mei pronkt deze plant uitbundig, en zal deze plant je beslist niet ontgaan.
Zo nu en dan zie je een kriebeldiertje tussen de witte bloemetjes, maar over het algemeen siert ze alleen haar bijzondere omgeving.
Het fluitenkruid is op haar mooist bij zonsondergang. Dat komt doordat de zon tot aan de laatste minuut haar gehele persoonlijkheid doet verkleuren. Het fluitenkruid neemt je mee, tenminste als je ervoor open staat. Naar haar eigen wereldje. Een wereld van magie en van dromen. Waar alles kan, waar iedereen lief is voor elkaar en waar geen sores heerst. Ik denk wel dat als je eenmaal deze vibe hebt ontdekt je er ook voor je leven aan bent verbonden.
Ieder jaar weer opnieuw, neemt ze je weer mee naar haar wereld, naar haar manier van doen en zul je merken dat het ieder jaar steeds meer voldoening geeft. Voldoening in de zin van rust, van volmaaktheid maar ook van kracht en gemoedsrust. Deze rust ervaar je nog meer als je een wandeling maakt, zo ergens achteraf, langs akkers en weides, op juist die rustige zandpaden waar je door het stuivende zand extra goed je ogen spits om dat verdwaalde oranjetipje te spotten. Of misschien wel die eerste dagpauwoog. Wat dacht je van de gierzwaluwen en de koekoek?
Je moet wel een beetje van de natuur houden. Want anders zal zoń fluitenkruid je werkelijk niets doen, dan zul je het waarschijnlijk zien als een overwoekerende bermplant, waar alleen maar rover roofmannen tussen zitten, en voor de kenners wetende dat ik daar geen echte rover roofmannen mee bedoel. (Nee, dit verwijst weer naar een eerdere column van een paar jaar geleden.)
Het fluitenkruid staat weer rijkelijk in bloei, ze laat zich weer van de zonnige kant zien, en aangezien we er nog ruim een maand van kunnen genieten, is het niet te veel gevraagd om toch die wandeling te gaan maken. Want zoals men altijd zegt: ‘Het is voorbij voordat je het weet.’
Dus voor iedereen die deze plant al waardeert, geniet er van! Voel, aanbid en geeft dat sprankje magie door.
Voor iedereen die niet weet waar ik nu over schrijf, Open die encyclopedie, online of de papieren variant, zoek deze desbetreffende plant op en ga erop uit. Op de fiets, of te voet, en als je deze sprankelende schermbloem hebt gevonden, wacht dan maar even op het moment, het zal geen eeuwigheid duren, want eenmaal betovert blijft betoverd.
Geniet van je reizen, je gevoelens en van al die pracht die het je geeft.
Het fluitenkruid siert de bermen, de weilanden, de akkers en het zandpad waar je de hond uitlaat. Nog vier weken kun je los, mag je extra genieten en kun je zeker in het bijzijn, je dromen achterna streven, mag je risico’s nemen en mag je gewoon extra jezelf zijn.
