Als je je blik in dit jaargetijde wat hoger richt dan valt het je meteen op. Eigenlijk hoef je helemaal niet omhoog te kijken, want je hoort ze eigenlijk al vanaf een afstand.
Soms vraag ik me weleens af, of ze net zoals wij mensen over het weer communiceren, of roddelen over de buurvrouw. Misschien klagen ze wel over het huizenaanbod of over de voedertafels die naar hun zin echt niet meer hetzelfde zijn als een aantal jaar geleden.
Maar het gekwebbel hoeft zeker niet negatief te zijn, want volgens mij zijn ze helemaal niet zo van het klagen.
Ik denk dat ze het alleen maar over leuke dingen hebben. Want het geluid en hun soms wat uitbundig geroep vanuit hoofdzakelijk dakgoten geeft meteen weer die leuke aankondiging, waar wij als mens, dan ook weer vrolijk van worden.
Deze leukerds zijn ook echt familie rijk, ze nestelen samen in een flat als vogelhuis. Je kent ze toch wel… Die langwerpige nestkasten waar drie kamers in zijn verwerkt met ieder een eigen ingang – zonder achterom, want dat kennen ze niet.
Ze doen heel veel gezamenlijk, vandaar dat uitbundige geklets. En omdat het weer het toelaat, omdat het zonnetje al de hele week uitbundig schijnt, kwebbelen ze er al behoorlijk op los.
Ze genieten van het zonnetje, van de eerste uitlopers maar vooral van elkaar.
Een mus gaat nooit ver van huis, en zal altijd wat blijven rondhangen bij hun vertrouwde plek… De benaming ‘huismus’ heeft dan ook meerdere betekenissen. Daarover gaan we het niet hebben, maar waar ik nog wel heel eventjes mijn zegje over gedaan wil hebben zijn deze luidruchtige maar vooral kwebbelende vogeltjes die je nu weer vanuit een willekeurige dakgoot hoort kletsen. Misschien in zichzelf, tegen hun maatje of tegen de kater van de buurvrouw.
Het feit blijft: Van dakgoot gekwebbel, daar kun je nooit genoeg van krijgen.
